Logo Noorhoff Uitgevers
  • Michel van Ast: ‘Het gaat erom dat je een didactisch repertoire hebt waaruit je kunt putten, mét en zonder ict’

    ICT is krachtig gereedschap waarmee je rijke leeractiviteiten kunt organiseren. Of je dat nu doet om formatief te toetsen, om te differentiëren of vorm te geven aan ‘gepersonaliseerd leren’. Dat vindt Michel van Ast, coauteur van het boek ‘Kleppen dicht’, dat leraren wil inspireren en motiveren om te experimenteren met activerend onderwijs en daarbij toegankelijke ict-toepassingen in te zetten.

    ‘Aan het eind van de les een Kahoot-quiz doen omdat je nog 5 minuten lestijd over hebt, dat kan wel, maar dat is beperkt houdbaar…’

    ICT is een middel, geen doel, hoorde ik je zeggen op de IPON. Kun je dat uitleggen?
    ‘Ik kan me niet voorstellen dat ik dat heb gezegd. Ict kan wel degelijk een doel zijn in het onderwijs. Michael van Wetering zegt het mooi in het Trendrapport 2014-2015 van Kennisnet: “Waar zo’n uitspraak (…) aan voorbij gaat, is de drijvende kracht van ict op belangrijke ontwikkelingen in onze maatschappij.” Het is belangrijk dat leerlingen goed leren omgaan met ict-gereedschap. Huiswerk maken terwijl je Facebook, WhatsApp en andere sociale media hebt openstaan, werkt niet goed. Maar inderdaad, je moet ict alleen gebruiken als het waarde toevoegt. Aantekeningen maken tijdens de les, kun je bijvoorbeeld beter op papier doen. En aan het eind van de les een Kahoot-quiz doen omdat je nog 5 minuten lestijd over hebt, dat kan wel, maar dat is beperkt houdbaar…’

    De termen gepersonaliseerd leren, differentiëren en individueel leren worden vaak door elkaar gebruikt. Wat is volgens jou het verschil?
    ‘Oorspronkelijk kiezen leerlingen bij gepersonaliseerd leren zelf wat ze willen leren, en ook waar, wanneer en hoe ze willen leren. Dat eerste is op dit moment niet mogelijk binnen ons schoolsysteem. We hebben een curriculum waaraan we ons moeten houden.

    Als we met elkaar over gepersonaliseerd leren praten, blijkt vaak dat vrijwel iedereen er iets anders mee bedoelt. Vervolgens wordt er gesproken over ict en gepersonaliseerd leren en daar gaat het vaak mis. We verwarren ‘gepersonaliseerd leren’ met ‘adaptief leren’. De stof die geleerd moet worden, wordt in een algoritme gestopt. Maar het is een illusie te denken dat een computer kan onderwijzen. Bij grammatica of algebra  kan een computer prima interpreteren wat er goed of fout gaat en op basis daarvan een weg door de stof uitstippelen. Maar heel veel dingen die je moet leren op school kun je niet vangen in een algoritme. Denk aan spreekvaardigheid, logisch redeneren, het ontwikkelen van probleemoplossend vermogen… Als we erin doorslaan alles adaptief te willen maken draaien we de boel om. Dan gaan we ons onderwijs beperken tot alleen die dingen die we kunnen meten, tot leerstof die we kunnen vangen in algoritmen. Dat is een verarming van het onderwijs. Daar moeten we voor uitkijken.’

    Ik hoor docenten wel eens vragen: Waar blijf ik als ict zo’n grote rol krijgt in de les?
    ‘Uit een leerlingvolgsysteem kun je veel informatie halen. Maar een docent die leerlingen regelmatig in de ogen kijkt weet veel meer. De vorm die je kiest, gepersonaliseerd leren, individueel leren of gedifferentieerd leren, bepaalt de mate van regie die je als docent hebt. Gepersonaliseerd leren betekent dat de leerling de regie heeft, en niet de docent. De toegevoegde waarde van een docent blijft echter onverminderd, maar de inzet van ICT is ondergeschikt. Die moeten we in geen geval leidend laten zijn, maar ondersteunend.’

    En bij gedifferentieerd lesgeven, hoe kan ict daarbij ondersteunen?
    ‘Bij gedifferentieerd lesgeven heeft de docent de regie. Op basis van een formatieve toets aan het begin van de les, of een diagnostische toets aan het begin van een lessenserie, kun je de klas verdelen in groepen, om maar iets eenvoudigs te noemen.

    In ‘Kleppen dicht’ laten we in een differentiatiematrix zien hoe zo’n les eruit kan zien. De invulling van het programma kun je organiseren met ict. In de elo kun je voor de verschillende groepen opdrachten en bronnen klaarzetten. Voor de ene groep leerlingen zet je bijvoorbeeld een adaptief oefenprogramma klaar, terwijl je met een andere groep leerlingen samen zit om verdiepende opdrachten te bespreken. Terwijl de derde groep samenwerkt aan een online instructiefilmpje.’

    En hoe kun je met behulp van ict formatief toetsen?
    ‘Bij formatief toetsen kun je ict heel goed inzetten. Formatieve toetsen geven  de leerling inzicht in waar hij staat en geven de leraar inzicht in de prestaties van zijn klas. Maar het allerbelangrijkste is dat de leraar met formatief toetsen inzicht krijgt in hoe effectief zijn eigen onderwijs is. ‘Dit is een slechte klas’, geldt niet als argument voor slechte resultaten. Dan is het tijd voor iets anders. Een moeilijke boodschap, maar het is wel waar…

    Er zijn vele mogelijkheden om ict in te zetten bij formatieve toetsen. Ik zet regelmatig diagnostische toetsen klaar. Hieruit kunnen leerlingen veel informatie halen. En ik gebruik allerlei apps waarmee ik met controlevragen kan toetsen of leerlingen mijn instructie begrepen hebben. Ook zijn er allerlei toepassingen waarmee ik feedback kan ophalen en voorkennis kan activeren.’

    Geef leerlingen de kans hun resultaten te evalueren en hiaten weg te werken, schrijf je in je boek. Hoe doe je dat met formatieve toetsen?
    ‘Als je een adaptief programma gebruikt, volgt het advies meestal vanzelf. Vaak kan een leerling dan zijn resultaten op een dashboard bekijken. Maar je kunt ook af en toe een quizje in de klas doen en de resultaten laten zien en op basis daarvan bepalen wat je een leerling aanbiedt. Want als je constateert dat er hiaten zijn, is het belangrijk dat je ervoor zorgt dat die worden weggewerkt. Je moet wat doen met de resultaten uit een formatieve toets, anders heeft het geen toegevoegde waarde.

    Bij wiskunde is dat een groot probleem. We jagen leerlingen door het programma heen en vinden een 6 goed genoeg. Hiaten stapelen zich dan op. En ik kan me voorstellen dat dit met een taal hetzelfde werkt. Vaak is er geen tijd om terug te grijpen op stof die eerder is behandeld, terwijl die kennis wel nodig is om nieuwe stof te begrijpen.

    Ik probeer dit altijd uit te leggen met een voorbeeld over leren fietsen. Stel dat de bochten naar links lukken, maar de bochten naar rechts nog niet, en je mag wel al beginnen met fietsen op een eenwieler… dat is volkomen onlogisch.’

    Welke digitale middelen raad je aan te gebruiken als je begint met formatieve evaluatie, behalve de bij iedereen bekende apps Kahoot en Socrative?
    ‘Wanneer je net begint met ict in de klas, raad ik aan om eerst één app te proberen. Vraag gerust ict-handige leerlingen om je daarbij te helpen.

    • Edueto is een omgeving waarin je toetsen kunt klaarzetten die leerlingen kunnen maken op een tijd en plaats die ze zelf bepalen.
    • Google formulieren: is een handige tool om mee te evalueren of een enquête af te nemen.
    • Padlet is een online prikbord waarop je reacties, foto’s en bijlagen kunt verzamelen.Lino It is ook een toepassing waarmee dat kan.
    • Met Answergarden kun je leerlingen woorden laten invoeren, waarna een woordwolk ontstaat. Mooi voor het activeren van voorkennis, maar ook voor het terugblikken en evalueren.’

    Welke toepassingen gebruik je zelf graag?
    ‘Aan studenten van de Hogeschool Utrecht heb ik laatst de opdracht gegeven om opdrachten in een blogomgeving te maken. Voorheen leverden studenten hun dossieropdrachten op het allerlaatste moment in. Zelf deed ik het niet anders. Op de laatste zondag die mogelijk was, keek ik alle dossiers na. Studenten keken vervolgens op het A4’tje met feedback alleen naar hun cijfer.

    Aan de verschillende opdrachten zit nu een deadline. Studenten kunnen elkaars blogs lezen en moeten minimaal bij drie andere studenten feedback achterlaten. Dat heeft zoveel opgeleverd! Studenten maakten opmerkingen als: ‘Pas toen ik haar blogpost las, begreep ik het!’ En ik kreeg allerlei informatie die ik in de les kon gebruiken: verkeerde interpretaties, voorbeelden die gegeven werden, enzovoort.

    De blogvorm is heel handig bij een opdracht als een schrijfopdracht en hierbij is peerfeedback gemakkelijk te organiseren. Mijn studenten zeiden unaniem: dit moet je erin houden. Het is meer werk, maar het heeft wel zin!’

    Gepersonaliseerd leren, gedifferentieerd leren, individueel leren… Wat is jouw ideaal?
    ‘Er is geen ideale mix. Het is belangrijk dat je als docent een zo groot mogelijk didactisch repertoire hebt waaruit je kunt putten, zowel met als zonder ict. Als iets niet werkt, zijn er altijd manieren om het anders aan te pakken. Het belangrijkste is dat je jouw onderwijs voortdurend tegen het licht houdt, blijft experimenteren en goed kijkt naar de impact die dat heeft op leerlingen.’

    Michel van Ast is als spreker, trainer en adviseur vooral actief op het thema ‘onderwijs en ICT’. Bij Uitgeverij Pica verscheen het boek Kleppen dicht! Een boek over effectief leren met ICT dat hij samen met Patricia van Slobbe schreef.

    Op www.kleppendicht.nl vind je allerlei ict-toepassingen voor het onderwijs.

    Delen is het nieuwe
    vermenigvuldigen

    Reageren is leren!

    Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

    Sluiten