Logo Noorhoff Uitgevers
  • Schoolleider aan het woord - René Grol, directeur Pius X College

    • de redactie
    • 23 maart 2017
    • 0

    René Grol is directeur van het Pius X College locatie Rijssen, dat deel uitmaakt van Stichting Carmelcollege. Net als andere scholen binnen de stichting start de school volgend jaar met een pilot met het Licentie-Foliomodel (LIFO). Dat betekent dat leerlingen via één licentie toegang krijgen tot verschillende niveaus van een methode. Inclusief aanvullende, herhalende of verdiepende stof en opdrachten. Wat doet Pius X nog meer rond gepersonaliseerd leren? Daarover ging het gesprek met René Grol.

    Er wordt veel gesproken over gepersonaliseerd leren. Over wat het is, verschillen de meningen. Wat is volgens u gepersonaliseerd leren?

    ‘Als je de definitie letterlijk neemt, betekent gepersonaliseerd leren individueel onderwijs. En dat is niet wat wij willen. Natuurlijk zijn er verschillende behoeftes binnen een klas, maar die kun je altijd clusteren. Docenten kunnen daar vervolgens met verschillende instructie en verwerkingsstof op aansluiten. Eigenlijk heb je het dan over differentiëren en niet over personaliseren, maar vaak worden die begrippen op één hoog gegooid.

    Onderwijs is een sociale activiteit. Leerlingen kunnen elkaar helpen wanneer de één iets begrijpt wat de ander nog niet in de vingers heeft. Daarnaast kun je leerlingen met vergelijkbare vragen in een groepje bij elkaar zetten. Alle leerlingen individueel bedienen? Dat red je niet als docent. Wat ik wél belangrijk vind is dat een docent per leerling bekijkt wat goed gaat en wat beter kan; oftewel feedback en feedforward geeft. Dat is intensiever dan alleen cijfers geven, maar het effect is vele malen groter. Dat zie ik bijvoorbeeld bij een van mijn docenten die daar heel goed in is.’

    Als alles mogelijk zou zijn, hoe zou gepersonaliseerd leren er dan uitzien op Pius X?

    ‘Wij zijn een BYOD-school (bring your own device) en werken al erg digitaal. Daarnaast zou ik willen dat leerlingen zelf kunnen kiezen of ze opdrachten overslaan en dat ze naar behoefte kunnen verbreden en versnellen. En ook extra ondersteuning kunnen krijgen of instructie op een ander niveau als dat nodig is. Daarin biedt LIFO veel meer mogelijkheden. Volgend jaar starten we een pilot met LIFO voor biologie en wiskunde. Leerlingen kunnen dan uitleg en opdrachten op een hoger of lager niveau krijgen.’

    Op welke manier is uw school bezig met gepersonaliseerd leren?

    ‘Als je gewend bent om klassikaal en met boeken te werken, is differentiëren en het gebruik van ict in de les best een stap. Ook docenten verschillen van elkaar. Daarom trainen we hen in (digitaal) differentiëren. Bij de één past een vorm als flipping the classroom, de ander zet allerlei digitale tools in tijdens de les.

    Vorige week konden docenten tijdens een studiedag uit verschillende workshops van Leerling 2020 kiezen. Na de workshops wisselden ze ervaringen en kennis uit. Ik vind het belangrijk dat docenten met elkaar over onderwijs praten en zich gaandeweg met enthousiasme ontwikkelen. Het is niet meer van deze tijd om als schoolleider dingen op te dragen.’

    Wat is uw belangrijkste doel met betrekking tot gepersonaliseerd leren in 2017-2018?

    ‘Dit schooljaar ligt de focus op digitale differentiatie in de les. Terwijl de docent met verschillende dingen bezig is moet hij leren hoe hij overzicht houdt. Dat is de uitdaging. De ene dag lukt dat beter dan de andere. En het gemak waarmee dat gaat zal ook per onderwerp verschillen.’

     Waar wilt u dat uw school over twee jaar staat met het oog op deze ontwikkelingen?

    ‘Over twee jaar wil ik dat differentiëren vanzelfsprekend is. Als ik dan een les binnenkom wil ik leergeruis horen. Actieve leerlingen zien, die met z’n tweeën of drieën aan het werk zijn. Wat mij betreft is gepersonaliseerd leren juist een sociaal proces.’

    Welke digitale middelen worden gebruikt voor de inrichting van gepersonaliseerd leren?

    ‘Wij werken met BYOD. Leerlingen hebben een eigen laptop, want daarop werkt het digitaal materiaal het beste. Daarnaast hebben leerlingen boeken als verbruiksmateriaal. Blended learning dus. Dat is het fijne van het LIFO-model. Leerlingen kunnen in het boek strepen of opmerkingen schrijven. Of lekker een snorretje tekenen op een foto…’

    Leerlijnen en gepersonaliseerd leren, gaat dat samen?

    ‘Waarom niet? Een leerlijn is niets meer dan een leerstofplanner; een overzicht. Daar kun je allerlei zijsprongen in maken. Een leerlijn beschrijft het wat. Gepersonaliseerd leren gaat over het hoe.’

    Erwin Lutteke, rector van het Isendoorn College is de vorige keer geïnterviewd. Hij stelt u de volgende vraag: ‘Hoe krijgen we het voor elkaar dat we tot een kerncurriculum komen voor de leerlijnen en voor het centraal examen, zodat er écht ruimte is voor gepersonaliseerd leren?’

    ‘We willen altijd veel te veel. We kunnen flexibeler worden als we van lesmethodes durven afwijken. Maar dan moet de docent weten wat hij belangrijk vindt. Dat zou pleiten voor modulair onderwijs. Maar dat is nu nog een droombeeld… In de centraal examens zou je dan kerndelen en keuzedelen kunnen toetsen.’

    Welke vraag over gepersonaliseerd leren wilt u een collega-schoolmanager voorleggen?

    ‘Als we van leerlingen gedifferentieerd leren en van docenten gedifferentieerd lesgeven verwachten, wat vraagt dat dan van ons als schoolleiding?’

    Delen is het nieuwe
    vermenigvuldigen

    Reageren is leren!

    Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

    Sluiten