Logo Noorhoff Uitgevers
  • Soms moet je de leerling loslaten, hoe spannend dat ook is!

    In de brugklassen van het Van Kinsbergen college in Elburg is dit schooljaar geëxperimenteerd met gepersonaliseerd leren volgens de principes van de Zweedse Kunskapsskolan. Volgend schooljaar wordt de volgende stap gezet: geen vaste klassen meer voor de brugklassers maar groepen van gelijk niveau. Alle leerlingen werken op een iPad aan eigen opdrachten en hebben wekelijks een coachinggesprek met hun mentor. Schoolleider Heidy van den Berg en docent geschiedenis Yavanna Wagenaar vertellen over hun plannen en ervaringen.

    Er hangt een prettige, bijna huiselijke sfeer in het gebouw van het Van Kinsbergen college, waar zo’n 200 leerlingen naar school gaan. In de hal staan werkstukken opgesteld. Grote bakken met een landschap met kleine groene soldaatjes en een brug. Een briefje erbij waarop staat “niet aankomen”. ‘Dat geeft mooi weer hoe wij over onderwijs denken’, vertelt Heidy van den Berg als we met z’n drieën naar haar kamer lopen, ‘door de loopgravenoorlog in de Eerste Wereldoorlog uit te beelden, moeten leerlingen zich voorstellen hoe dat is geweest. Ook minder talige leerlingen werken met plezier aan zo’n opdracht. Ieder op zijn eigen manier.’

    Kinsbergen werkstuk brug

    Zweden

    In een vrolijke en kleurig ingerichte kamer, vertelt Van den Berg verder. ‘Voordat we dit traject startten ben ik met een collega naar Zweden gegaan om een kijkje te nemen op een Kunskapsskolan. Leerlingen maken daar hun eigen keuzes. Een 15-jarige jongen vertelde mij dat hij veel huiswerk heeft. Niet omdat dat moet, maar omdat hij naar de universiteit van Upsala wil en daar hard voor wil werken. Ik zag ook een leerling uitgebreid haar nagels lakken. Maar een uur later was ze heel geconcentreerd met wiskunde bezig. Als je leerlingen verantwoordelijkheid geeft, gaan ze daar ook goed mee om. Dat is ook wat ik wil bereiken op het Van Kinsbergen college: dat de leerling verantwoordelijk is voor zijn leerproces en dat de mentor hem coacht bij het bereiken van zijn doelen. Omdat dat een hele omslag is, voeren we deze nieuwe manier van werken gefaseerd in en starten vanaf de brugklas.’

    Nadat zijzelf naar Zweden was afgereisd liet ze het team kiezen welke collega’s naar Zweden zouden gaan. Zij namen de vragen van de thuisblijvers mee en kwamen met veel informatie terug. In workshops lieten ze zien wat ze hadden opgestoken. ‘Ook docenten keuzevrijheid geven past bij Kunskapsskolan. Het heeft geen zin om een workshop in tredevakken [vakken die je in stappen doorloopt, zoals de talen en wiskunde – MN] te volgen als je zelf een themavak [vakken als aardrijkskunde, geschiedenis en economie – MN] volgt.’

    Pilot

    Dit jaar is op het Van Kinsbergen college met een pilot gewerkt. In de brugklassen gaven een aantal docenten les met de portal van Kunskapsskolan Nederland. Ze probeerden de speciale Kunskapsskolan-agenda uit en een van de docenten volgde de coachingopleiding volgens KED en voerde op basis daarvan coachinggesprekken met leerlingen. Volgend schooljaar starten alle brugklassen met gepersonaliseerd leren volgens de principes van Kunskapsskolan. Dat betekent dat elke leerling in zijn eigen tempo zijn eigen leerroute doorloopt. Vooraf bepaalt de leerling samen met zijn mentor zijn leerdoelen en bij het bereiken van die doelen wordt hij gecoacht. Leerlingen beginnen de dag in hun stamgroep en maken een planning voor de dag die aansluit op de leerdoelen.

    Van den Berg: ‘Het kan gebeuren dat je samen in de stamgroep start, maar elkaar vervolgens de hele dag niet ziet omdat je op een ander niveau bezig bent. In het rooster zijn instructietijden van een half uur ingepland. De rest van de tijd zijn leerlingen zelfstandig aan het werk onder begeleiding van vakleerkrachten. Wij noemen dat een workshop. Leerlingen bepalen zelf wat ze tijdens de workshop gaan doen.’

    Leren op je eigen niveau

    Leerlingen starten op het niveau van het advies van de basisschool. Yavanna Wagenaar: ‘In de portal van Kunskapsskolan Nederland staan de rubrics en de SLO-leerdoelen. Als ik denk dat een leerling een niveau hoger aankan, bekijk ik gemaakte opdrachten eens op dat niveau. Dat hoeft de leerling niet eens te weten. Dan kan ik de leerling coachen op de dingen die hij nog nét niet op dat niveau beheerst zodat hij naar dat niveau kan toewerken.’

    Leerlingen kiezen zelf wanneer ze klaar zijn voor een beoordeling en plannen die dan in. Van den Berg: ‘Als een leerling niet vooruitkomt is het de rol van de docent om hem te stimuleren en motiveren. Maar uiteindelijk kiest de leerling.’ ‘Dat vind ik wel spannend’, zegt Wagenaar, ‘Want wat als leerlingen niet willen? Dat zijn vragen waarmee we tijdens de coachingopleiding leren omgaan. Dan kun je bijvoorbeeld vragen: maar wat wil je dan wel? Er zit altijd iets achter die weerstand. Angst het niet te kunnen, of het niveau is te hoog of te laag… En soms moet je als docent de leerling loslaten, hoe spannend dat ook is.’

    Verantwoordelijkheid bij de leerling

    Leerlingen kiezen dus vaak zelf. Ook de manier waarop ze laten zien dat ze de stof beheersen.

    Wagenaar: ‘Natuurlijk moet je voldoen aan de kerndoelen en moeten bepaalde onderwerpen behandeld worden. Maar hoe je dat doet, bepaalt de leerling voor een groot deel zelf. Daardoor moeten ze meer nadenken over wat ze willen. Ze leren zich aan zichzelf te spiegelen en niet aan de ander. En wanneer je iets niet gehaald hebt, moet je het gewoon nog een keer doen. Niet gehaald is geen optie.’

    Portal

    Volgend jaar werken alle brugklassers in de learning portal van Kunskapsskolan Nederland. Hierin wordt lesstof aangeboden op verschillende niveaus per vak. Het is makkelijk om van niveau te wisselen. In de portal zit een rubric, waarmee je leerlingen kunt beoordelen per stap en per vak. Door de koppeling met een leerlingvolgsysteem kan de mentor de vorderingen van de leerling bijhouden en in het coachinggesprek bespreken.

    Wagenaar: ‘Waar ik nu nog tegenaan loop is dat de basistekst voor een kaderleerling hetzelfde is als de tekst voor een gymnasiast. Sommige begrippen hoeft een kaderleerling niet te kennen, terwijl je een gymnasiumleerling complexere teksten wil aanbieden. We passen de teksten daarom aan.’

    Van den Berg: ‘Doordat een leerling vakken op verschillende niveaus kan doen en van niveau kan switchen kan hij in sommige vakken examen op een hoger niveau doen. Dat motiveert. In het onderwijs wordt vaak gedifferentieerd bínnen een niveau, maar dat is niet hetzelfde als gepersonaliseerd leren.’ Wagenaar: ‘Maar het is jammer dat een leerling straks een diploma krijgt van het laagste niveau.’

     Op een andere manier lesgeven

    Gepersonaliseerd leren betekent dat je op een andere manier naar lesstof en leerlingen kijkt. Wagenaar: ‘Eerst bedacht ik hoe ik de stof het beste kon overbrengen. En nu kijk ik naar de leerling en welke stof het beste bij hem past en hoe hij die kan verwerken. Voor het vak geschiedenis heb ik leerlingen de opdracht gegeven de Eerste Wereldoorlog uit te beelden. Ik probeer kinderen aan te spreken op hun kwaliteiten. Soms laat ik hen een film maken over wat ze geleerd hebben in plaats van een verslag. En een leerling heeft een middeleeuwse wereld in Minecraft gemaakt. Het is belangrijk dat een leerling met de stof bezig is op een manier die hem aanspreekt. Ik gebruik allerlei bronnen en materialen voor mijn lessen. De portal van Kunskapsskolan is voor mij ook een bron, waar ik eigen materiaal aan toevoeg.’

    Docenten

    Het team is enthousiast en niemand wil terug naar het oude. Docenten hebben weer tijd voor individuele leerlingen en voor goede instructie. En oefenen gebeurt gestructureerd tijdens de workshops. ‘We doen het samen. Alle docenten – ook ik – doen de coachingcursus van Kunskapsskolan. En elk jaar plannen we twee studiedagen om gericht met de ontwikkeling bezig te zijn. Ik ben constant met docenten in gesprek, deel mijn denkstappen en leg uit waarom ik bepaalde keuzes maak. Het geeft binnen het team een enorme verbinding, omdat je echt voor de leerling gaat. En het eeuwige getouwtrek dat kinderen een andere kant opgaan dan jij wilt is voorbij, omdat leerlingen hun eigen keuzes maken.’

    Toetsen en toekomst

    ‘In de toekomst willen we van de cijfers af’, zegt Van de Berg. ‘Niet van de beoordelingen, want leerlingen moeten wel hun doelen halen. En over een paar jaar willen we ook een bovenbouw, die hebben we nog niet op deze school.’

    Wagenaar: ‘Als leerlingen twee of drie jaar op deze manier gewerkt hebben, beginnen we aan het PTA en moeten ze naar het examen toewerken. Daar gaat het om lezen en schrijven, dus moeten we dat ook trainen en oefenen. Daarom geef ik naast de praktische opdrachten nog altijd een toets en een so. Met toetsen kun je niet pas in het derde jaar beginnen. Examens maken is een vaardigheid. Dat vind ik wel jammer. Want dan zijn ze de eerste jaren met Kunskapsskolan bezig en moeten ze toch de switch maken naar het traditionele onderwijs om naar het examen toe te werken.’

    Interview:  Maartje Nix

     

    Delen is het nieuwe
    vermenigvuldigen

    Reageren is leren!

    Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

    Sluiten