Logo Noorhoff Uitgevers
  • Wat bepaalt de kwaliteit van een toets eigenlijk? Deel 1: validiteit

    • de redactie
    • 13 juni 2017
    • #
    • 0

    Een belangrijke pijler van een toets: validiteit

    Monique is een jonge docent biologie op een scholengemeenschap in het midden van het land. Het eerste jaar dat ze lesgaf was een beproeving, maar die heeft ze goed doorstaan. Gelukkig heeft ze een sectiecollega met meer ervaring, die haar steunt waar hij kan. Vandaag heeft hij haar een proefwerk meegegeven, want volgende week is een proefwerk gepland over erfelijkheid en evolutie voor een parallelklas havo 3 waaraan Monique en haar collega lesgeven. ‘s Avonds kijkt ze de toets van haar collega in. Veel vragen gaan over erfelijkheid en chromosomen, maar ze mist vragen over de evolutietheorie. Ook staan er geen vragen in over DNA, wat zij juist een belangrijk onderdeel vindt. En de meeste vragen zijn reproductievragen. Zelf wil ze haar leerlingen ook toepassingsvragen stellen en een opdracht geven waaruit blijkt hoeveel inzicht een leerling in de lesstof heeft.

    Monique twijfelt dus over de kwaliteit van de toets. Maar wat bepaalt de kwaliteit van een toets eigenlijk?

    Validiteit

    Een goede toets is een toets die valide, betrouwbaar én bruikbaar is. Over betrouwbaarheid en bruikbaarheid een volgende keer meer. Nu eerst: wat is een valide toets?

    Er zijn twee soorten validiteit: begripsvaliditeit en inhoudsvaliditeit of evenwichtigheid. Een begripsvalide toets gaat over de lesstof die een leerling voor de toets heeft geleerd. Als leerlingen na een SO of proefwerk opmerkingen maken als ‘dit hebben we helemaal niet hoeven leren’ of ‘dit hebben we nog nooit behandeld’, is het goed om nog eens te kijken naar de begripsvaliditeit van je toets.

    Nog een voorbeeld: Als een biologieproefwerk veel bronmateriaal bevat en een leerling die nauwelijks geleerd heeft de vragen kan beantwoorden door goed te lezen en afbeeldingen te bekijken, dan meet dit proefwerk leesvaardigheid en niet de kennis over de geleerde lesstof. Deze toets is dan niet begripsvalide.

    Een toets is evenwichtig wanneer de verschillende onderwerpen die zijn behandeld in een goede verhouding in de toetsvragen staan. Mopperen leerlingen: ‘heb ik daarom zo lang zitten leren op…’, vraag je dan af of je toets wel evenwichtig was.

    Toetsmatrijs

    Een toetsmatrijs is een handig hulpmiddel bij het construeren van een valide toets. Het is een soort ‘bouwtekening’ met daarin de toetsdoelen of onderwerpen van de toets. Daarnaast staat op welk cognitief niveau (binnen een taxonomie, bijvoorbeeld RTTI) je dit onderdeel wilt toetsen. Aan de hand van de toetsmatrijs construeer je relevante vragen die aansluiten bij het toetsdoel en passen bij het niveau dat je wilt meten.

    Om terug te komen op het proefwerk dat Monique van haar collega kreeg: een biologietoets met alleen vragen over erfelijkheid terwijl de leerlingen ook over evolutie moesten leren, is niet inhoudsvalide. Een toetsmatrijs kan hen helpen een betere, valide toets te maken.

     

    Delen is het nieuwe
    vermenigvuldigen

    Reageren is leren!

    Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

    Sluiten